Home Voor wie Waarom Methode Aanbod Over Blog Gesprek aanvragen
← Terug naar blog

Afwijzen zodat je niet wordt afgewezen

Onderliggend aan de angst om afgewezen te worden, schuilt een angst voor het leven zelf. Het patroon is kenmerkend voor mensen met heftige vroegkinderlijke ervaringen: zichzelf ervan weerhouden om deel te nemen aan het leven, omdat ze ervan overtuigd zijn dat de wereld onveilig is.

Een paradox die we regelmatig tegenkomen in ons werk met mannen, zijn mannen die zichzelf afwijzen om de pijn van afwijzing door anderen te vermijden. Zichzelf verlaten zodat ze niet worden verlaten. Zichzelf tekortdoen zodat ze niet tekort worden gedaan door anderen.

Het op die manier vermijden van afwijzing kan een defensieve strategie lijken om emotionele pijn te vermijden, maar tegelijkertijd leidt het tot eenzaamheid en een gebrek aan echte verbinding met anderen. Het is alsof ze een muur om zichzelf heen bouwen om zichzelf te beschermen, maar uiteindelijk isoleren ze zichzelf van de wereld om hen heen.

Oorsprong van de angst

Onderliggend aan de angst om afgewezen te worden, schuilt een diepere angst voor het leven zelf. Het patroon is kenmerkend voor mensen met heftige vroegkinderlijke ervaringen: zichzelf ervan weerhouden om volledig deel te nemen aan het leven, omdat ze de overtuiging hebben dat de wereld onveilig is.

Mensen met deze overtuigingen hebben vaak op jonge leeftijd ervaringen gehad die hen het gevoel hebben gegeven dat ze niet welkom waren in deze wereld. Daarin komen wij regelmatig concrete voorbeelden tegen als we vragen naar wat mannen als kind hebben meegemaakt:

  • Een zware geboorte, soms met medische complicaties.
  • Direct na de geboorte langere tijd in een couveuse gelegen en weinig nabijheid van moeder ervaren.
  • Een moeder met postnatale depressie (emotionele afwezigheid).
  • Onveilige thuissituatie waarbij ze als jong kind niet terecht konden bij hun verzorger(s).

Kortom: een vroegkinderlijke ervaring waarbij de volledige symbiose met moeder en de meest basale en veilige hechting niet goed tot stand is gekomen.

Dit soort diepgewortelde ervaringen maakt dat ze op latere leeftijd eerder toeschouwer zijn van het leven dan deelnemer. Ze vermijden intieme relaties uit angst voor wat er kan gebeuren als ze zichzelf openstellen voor het leven. Ze hebben een sterk verlangen om ergens anders te zijn, ook al kunnen ze niet precies vertellen waar dat dan is. Dit vertaalt zich vaak in een rusteloosheid en een moeite met lang op één plek te blijven. Mensen die bekend zijn met deze dynamiek, kunnen zich om die reden zomaar terugtrekken uit het contact.

Verloren regie terugpakken...

Het vertrekken uit contact en het vermijden van intieme verbindingen zijn een uiting van onvoldoende regie over het eigen leven. Het is ook een symptoom van een niet goed geïntegreerde eigenschap: écht op aarde komen, het welkom hier ervaren en zelf de regie hebben over het moment van weggaan én terugkomen.

Als het te spannend wordt, is het een logische reactie geworden om vanuit het lijf naar het hoofd te schieten. Het lichaam lijkt soms meer een ongelukkig aanhangsel dan een veilig thuis geworden.

Door middel van lichaamswerk, groepswerk, ademwerk en beweging kan iemand met deze dynamiek langzaamaan vertrouwder worden met het bewonen van het eigen lijf. Met oefening ontstaat er zo meer regie en autonomie. Daarmee ontstaat ook een opening om contact te maken met alle onverwerkte emoties die in het lijf zijn opgeslagen.

…en de verborgen rouw doorleven

Veelal zien we dat die emoties vroeger nooit zijn begrepen door de omgeving en zelfs niet zijn erkend door de rouwende zelf. Maar uiteindelijk moeten hier dezelfde processen, bewegingen en gevoelens worden doorlopen als elk ander rouwproces.

Er is echter één groot verschil: het gaat hierbij niet over rouw om iets wat is verloren, het gaat over rouw om iets dat er nooit is geweest.

In onze sessies werken we daarom met de erkenning van het vroegkinderlijke verdriet, angst en boosheid over tekort aan veilige hechting. Het is de erkenning die er vroeger nooit was, met als gevolg dat die emoties destijds ver zijn weggestopt. Het groepswerk met andere mannen vormt een krachtige bevestiging om het daadwerkelijk te mogen voelen, doorleven én verwerken. Pas daarna kan de volgende stap worden gezet, waarbij er steeds meer regie over het eigen leven kan worden gepakt.

Bronnen & inspiratie: Precies, daarom — over narcisme en symbiose (M. van Buren-Molenaar) · Traumasporen (Bessel van der Kolk) · De Maskermaker (W. Veenbaas, J. Goudswaard, H. Verschuren)

Herken jij iets van wat je in dit artikel leest? Sluit je aan bij een van onze mannengroepen.

Gesprek aanvragen →